Over (on)gelovige olijftakken

olive stampNaar aanleiding van mijn vorige blog die begon met olijven, wil ik in deze blog ingaan op de olijfboom, en wel die olijfboom die als beeld wordt gebruikt in Romeinen 11. De interpretatie van dit beeld hangt samen met iemands visie op de gemeente (kerk) en Israel. Dit is een onderwerp waar ik in de loop der jaren (nu al weer heel wat jaren geleden) anders over ben gaan denken. Waar ik vroeger een duidelijke scheiding tussen Israel en de gemeente zag, zie ik die nu niet meer zo (overigens zonder een vervangingtheologie en zonder dat mijn mening hierover helemaal is uitgekristalliseerd, maar dat hoeft van mij ook niet). Dit heeft mede te maken met mijn interpretatie van Rom 11. Als antwoord op een vraag over de betekenis van de olijfboom in dit bijbelgedeelte heb ik het volgende geschreven (dit is een bewerking van mijn antwoord dat te vinden is op Remco’s website):

Individuen of groepen?

Vroeger dacht ik dat het beeld van de olijfboom met hele groepen mensen te maken had. Israel was tijdelijk verworpen en nu was het (tijdelijk) de beurt van de gemeente. Ik denk daar nu subtieler over. Ik denk namelijk dat Paulus in Rom 11 duidelijk over individuen spreekt en niet over hele groepen mensen. Niet heel Israel is (tijdelijk) verworpen, maar er is een overblijfsel dat nu samen met de geroepenen uit de heidenen één olijfboom vormt. Dit overblijfsel is echter nog steeds Israel en de heidenen zijn daar dus als het ware bij gekomen (zoals Paulus overigens ook in Efeze 2:11ev suggereert). Ik heb daarvoor de volgende redenen:

Paulus zegt in Rom 11:5-7 van Israel:

Zo is er dan ook in de tegenwoordige tijd een overblijfsel gelaten naar de verkiezing der genade….hetgeen Israël najaagt, heeft het niet verkregen, maar het uitverkoren deel heeft het verkregen, en de overigen zijn verhard

Er is dus een deel van Israel dat uitverkoren is (niet in overeenstemming met werken maar genade!) en een deel dat is verhard. Vervolgens schrijft Paulus in vers 11:

hun overtreding

en in vers 15:

hun verwerping

Hun is in het Grieks meervoud (autoon) en slaat dus op de overigen die zijn verhard uit vers 7. Hun slaat niet op Israel als geheel, want anders zou er enkelvoud gebruikt worden. Er is een deel dat niet verhard is en dus niet overtreden heeft en verworpen is. Dan zegt Paulus in vers 17:

Indien nu enkele van de takken weggebroken zijn en gij als wilde loot daartussen geënt zijt en aan de saprijke wortel van de olijf deel hebt gekregen  

Als Paulus met de weggebroken takken Israel als volk (in het geheel) had bedoeld, dan had hij niet enkele van de takken (maar alle takken?) geschreven. Nu hij wel enkele van de takken schrijft bedoelt hij blijkbaar dat niet alle takken weggebroken zijn. Dit is precies in overeenstemming met wat hij in de verzen daarvoor ook al heeft geschreven, namelijk dat een deel van Israel is uitverkoren en een ander deel (=enkele van de takken) verhard. Het verharde deel van Israel (bestaande uit meerdere takken) is weggebroken. Dit zijn dus individuen.

Dan de natiën (heidenen)… In vers 13 spreekt Paulus de natiën in het meervoud aan:

Ik spreek tot u, heidenen

Als Paulus dus de heidenvolken (in hun geheel) aanspreekt, gebruikt hij meervoud (humin). Vervolgens gaat hij in vers 17 in het enkelvoud verder:

en jij als wilde loot daartussen geënt zijt

Zowel het jij en wilde loot zijn in het Grieks enkelvoud. Hier spreekt Paulus dus zijn toehoorders als individu aan en niet de gehele groep natiën als geheel (anders zou hij immers meervoud gebruiken). Hij spreekt ook niet ineens maar één natie aan (dat zou een beetje raar zijn, welke natie dan?). De jij (enkelvoud) moet zich namelijk niet beroemen tegen de takken. Takken is meervoud. Het zou toch onlogisch zijn als Paulus met het enkelvoudige jij en wilde loot een of meerdere natiën bedoeld (in hun geheel, als groep), maar met het meervoudige takken het ene volk Israel. De takken zijn dus ook individuen.

De edele olijfboom is volgens mij in zekere zin een beeld van het ware Israel (het gelovig nageslacht van Abraham, zie verderop), zodat hieruit volgt dat de wilde olijf een beeld van een ander volk is. Uit zo’n ander volk wordt een tak (een individu) gehaald en op de edele olijfboom (het gelovige Israel) geënt. Dit individu (en dat zijn wij allemaal afzonderlijk) wordt aangesproken. Andere takken (individuen uit Israel) zijn weggebroken. Als de olijfboom in zijn geheel voor Israel, of het gelovig nageslacht van Abraham, staat, dan kunnen de weggebroken takken niet tegelijkertijd ook Israel (als geheel volk) voorstellen. Het hele beeld is alleen maar logisch als de takken individuen voorstellen. In vers 24 schrijft Paulus:

Want indien gij (enkelvoud) uit de wilde olijf (enkelvoud), waartoe gij naar uw natuur behoort, weggekapt en tegen uw natuur op de edele olijf (enkelvoud) geënt zijt, hoeveel te meer zullen dezen (meervoud), naar hun natuur, op hun eigen olijf (enkelvoud) geënt worden.

In vers 25 gaat Paulus weer zijn toehoorders als geheel, als groep, aanspreken en gebruikt daarvoor meervoud:

Want, broeders, opdat gij niet eigenwijs zoudt zijn..

Wat wordt precies bedoeld met de olijfboom?

Dit vind ik een vraag waarop meerdere redelijke antwoorden te bedenken zijn. Dat met de weggebroken takken verharde Israëlieten worden bedoeld, kan aangeven dat met de olijfboom simpelweg Israel wordt bedoeld (zoals ook op verschillende plaatsen in het oude testament, zie bv Jes 17:6 en Jer 11:16 die gelijkenis met het beeld uit Rom 11 vertonen). Of het geeft, meer genuanceerd, aan dat de olijfboom staat voor iets waar Israel deel van is of aan heeft.  De olijfboom kan Israel voorstellen, maar dan in de zin van de historische gemeenschap van gelovigen, namelijk allen die treden in het voetspoor van het geloof van Abraham (zie Rom 4 en  Rom 9:6ev). Hiervan is een deel ongelovig geworden (dwz hebben Jezus niet als Messias erkend) en een deel niet. Terwijl het ongelovige deel afgebroken wordt, worden heidenen geënt om samen met (niet: in de plaats van) het nog gelovige deel van Israel deel te hebben aan de saprijke wortel van de olijf (vers 17). Meer letterlijk staat in vers 17 in het Grieks zoiets als samen-deelgenoot werd van de wortel en vetheid van de olijfboom. Meer specifiek is de vraag dus wat die wortel en vetheid van de olijfboom zijn. 

Paulus schrijft verder over de afgebroken takken dat zij om hun ongeloof weggebroken zijn en over de wilde loot dat jij staat door het geloof. Dus, zowel het gelovige overblijfsel van Israel (dit is bijvoorbeeld Paulus zelf, maar ook de andere apostelen en vele duizenden andere Joden die geloofden) als de gelovige heidenen hebben samen deel aan de wortel en vetheid door geloof, naar de verkiezing van genade (zie ook vers 5 en 6). Meer specifiek is de vraag dus waar wij samen door geloof deel aan hebben?

Paulus gebruikt het beeld van een boom niet zomaar. Hij schrijft dat de wortel de takken draagt en niet andersom (en ook: is de wortel heilig, dan ook de takken). Wie de takken zijn, lijkt mij wel duidelijk, maar wie of wat is de wortel?. Verder is hier sprake van een olijfboom. Dit kan te maken hebben met de functie en het beeld van olijfolie, dat gebruikt werd om voorwerpen of personen te heiligen of te reinigen. Als zodanig is olijfolie een beeld van de Heilige Geest (zie bv Lucas 4:14ev, Hand.10:37, 38 en I Sam 16:13).

Wat wordt precies bedoeld met de olijfboom? Wat of wie zijn de wortel en vetheid? Ik laat de antwoorden aan de lezer, want hier zijn meerdere mogelijk.

5 gedachten over “Over (on)gelovige olijftakken

  1. God is in de stilte

    Dag Hannes, ben ik weer. Heb zojuist een bericht op mijn blog gezet met de titel ‘Wortelschieten en vruchtdragen’, terwijl ik het controleer, zie ik dat jij 1 minuut geleden deze post online hebt gezet. Grappig, we geloven in hetzelfde groeimodel, alleen iets anders uitgewerkt!

    Reageren
  2. André Piet

    Goeie vragen! Laat ik een duit in het zakje mogen doen.

    a. “de edele olijf” staat voor “het zaad van Abraham” (>Rom.9:7 vergl. Gal.3:29);

    b. “de wortel” verwijst naar “de vaderen” of meer specifiek naar Abraham aan aan wie de belofte gegeven is;

    c. De “vetheid van de olijf” is natuurlijk olijfolie, hetgeen spreekt van “de belofte van de Geest”, nl. licht en leven. Vergl. Gal.3:14: “Zo is de zegen van Abraham tot de heidenen gekomen in Jezus Christus, opdat wij de belofte des Geestes ontvangen zouden door het geloof.”

    Reageren
  3. Theo

    Hoewel het Engels is, wil ik heel graag verwijzen naar een studie van A.E.Knoch over de olijfboom.
    Naar mijn mening geeft hij antwoordt op diverse vragen die je stelde.
    http://www.gtft.org/Library/knoch/TheOliveTree.htm

    Hij schrijft o.a. dat de figuurstijl van de olijfboom varieert met de omstandigheden.
    Als voorbeeld geeft hij ‘de twee getuigen’ waarvan gezegd wordt dat het twee olijfbomen zijn (openb 11:4). Ze verspreiden licht (via de olie) in een hele donkere periode.
    Zie Zach.4 ‘de kandelaar’ en de twee olijfbomen, waar de oliehoudende boom direct voorziet in het geestelijk licht. Paulus gebruikt de figuur , de verandering in deze figuur (in Romeinenbrief) is niet een van de bomen, maar van de takken !

    Verder schrijft Knoch dat Paulus (net als Zacharia) het beeld van de olijfboom gebruikt om duidelijk te maken dat getuigenis van God door Israel met een gedeeltelijke en tijdelijke hulp van de Naties plaats vind .
    (via google vertaling) zegt Knoch : In zijn figuur de wortel, de stam en een deel van de takken blijven vertegenwoordigers van de heilige natie, zelfs in deze dag (administratie) toen Israël is “verstoten.” Misschien kunnen we het vergelijken met de complementaire waarheid die de Bijbel is Gods licht in de wereld. Het is duidelijk dat veruit het grootste deel zich bezighoudt met Israël. De volkeren hebben een zeer kleine plaats inderdaad in het grootste deel van het. Zoals Paulus ‘brieven worden ingevoegd tussen het goddelijke dossiers met betrekking tot Israël, zodat de volken is een kleine plaats als takken in de olijfboom.

    (via google vertaling) Is het niet duidelijk uit dit dat de olijfboom staat voor de werking van Gods geest? Het koninkrijk zal worden opgezet door de macht in de toekomst, en wordt beheerd door een ijzeren club, maar Israël heeft een geestelijke invloed in de wereld van vandaag, die is van enorme potentie, die niet afhankelijk zijn van hun fysieke nummers of materiële positie. Olie wordt regelmatig gebruikt als een symbool voor de geest
    …….
    (via google vertaling)De figuur van de olijfboom, zoals gebruikt door Paul, beschrijft de complete nationale getuigenis in de aarde van het begin tot het einde, of, zoals de figuur heeft, van de wortel naar de vrucht

    (via google vertaling)De tijd is een essentieel kenmerk van deze figuur. Dat het slechts een interval duidelijk is, want het begint met de hakken van enkele van Israël en eindigt met de hakken uit de volkeren en de restauratie van de takken die werden verwijderd
    Neem a.j.b. de tijd om het stuk (zie url) door te lezen , het geeft echt veel zicht op alles!
    groet
    WB

    Reageren
  4. Hannes

    Hoi Wolter

    dank je wel voor je reactie. Ik zal het stuk van Knoch lezen, al gok ik dat ik met zijn visie wel bekend ben (ben vrij bekend met Knoch’s werk). Maar ik ben eigenlijk wel benieuwd naar jouw eigen antwoorden. Je hebt namelijk omtrent deze boom ook een vraag op je eigen blog gehad?

    groet

    Hannes

    Reageren

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *